De koning in het eindspel

Laatst aangepast op .

In het eindspel staan er nog maar weinig stukken op het bord, en is het minder waarschijnlijk dat je koning mat gezet kan worden. Het is dus belangrijk dat je de koning activeert en gebruikt in de strijd. Vooral in pioneindspelen maar ook in eindspelen met lopers of paarden en toreneindspelen heeft de koning een belangrijke rol.

spel met koningen(1) De witte koning moet f8 of h8 bereiken.

Om de koning beter te begrijpen gaan we kijken naar een spelletje met alleen koningen, om de interactie tussen de twee koningen aan te leren voelen. Het spel is simpel en begint met de positie zoals in diagram (1). Het doel van het spel is om met de witte koning f8 of h8 te bereiken. De zwarte koning probeert de witte koning hiervan te verhinderen. Pak een schaakbord en probeer maar eens of je met de witte koning een van deze velden kan bereiken. De zwarte koning probeert natuurlijk dit zo goed mogelijk te verhinderen.

Oppositie

Voordat we het spel hierboven gaan oplossen gaan we eerst een belangrijk principe van het eindspel leren, namelijk oppositie. Je ziet een voorbeeld van oppositie in diagram (2). De koningen staan direct tegenover elkaar en de kant die niet aan zet is heeft dus de oppositie.

Je hebt de oppositie als de koningen tegenover elkaar staan, en je NIET aan zet bent!

oppositie bij schaken(2) Oppositie

Het idee achter oppositie is als volgt: de kant die aan zet is en dus geen oppositie heeft moet nu zijn koning spelen. Zijn tegenstander kan dan vervolgens kiezen om de oppositie opnieuw te pakken door de koningen weer tegenover elkaar te zetten.

Andere vormen van oppositie

verre oppositie bij schaken(3) Verre oppositie

De koningen die precies tegenover elkaar staan vormen de meest directe vorm van oppositie. Maar je kan ook een vorm van verdere oppositie hebben. In diagram (3) is er sprake van verre oppositie. Stel dat de zwarte koning naar d5 gaat, dan kan de witte koning naar d3 gaan om zo de originele situatie van oppositie te krijgen.

verre oppositie bij schaken(4) Alle hoeken zijn witte velden!

Oppositie kan ook gebeuren als de koningen niet precies tegenover elkaar staan. In dat geval moet je kijken dat de koningen een vierhoek opspannen waarvan alle hoeken dezelfde kleur als veld hebben. Wederom heeft de gene die niet aan zet is dan de oppositie. Dit zie je in diagram (4). Alle hoeken van de vierhoek zijn witte velden.

Terug naar het koning eindspel

spel met koningen(5) De witte koning moet f8 of h8 bereiken.

Nu we deze definities van oppositie kennen, kunnen we het spel waarmee we begonnen makkelijk oplossen door simpelweg de oppositie toe te passen. We pakken weer de beginstelling en zien dat we met 1. Ka2 de oppositie pakken. We vormen op die manier een vierkant met vier witte hoekvelden, en dus pakken we zo de oppositie. Dit is de enige manier om dit spel te winnen.

uitflanken(6) Nu gaan we de zwarte koning uitflanken.

Het spel kan zo bijvoorbeeld verder gaan: 1...Kf8 2.Kb2 Ke8 3.Kc2 Kd7 4.Kd3 Ke6 5. Ke4 Kf6 6. Kf4 Kg6 7. Kg4. Nu hebben we de positie bereikt in diagram 5. Om nu verder voortgang te maken richting f8 of h8 moeten we de oppositie opgeven zodat we de zwarte koning kunnen uitflanken. Als de zwarte koning naar f6 gaat, dan uitflanken wij hem door naar h5 te gaan. Zwart kan dan kiezen om de oppositie te pakken op f5 of f7, maar dan wandelen wij gewoon richting h8. Het is dus belangrijk om te onthouden dat oppositie een middel is, maar niet het doel.

Het spel kan zo eindigen: 7...Kf6 8. Kh5 Kg7 9. Kg5 Kh7 10. Kf6 Kg8 11. Kg6 Kf8 12. Kh7 Kf7 13. Kh8. en je hebt het spel gewonnen dankzij de oppositie.

Oppositie is dus een belangrijk begrip dat nog veel terug zal komen in pion eindspelen.